Leuk hoor, al dat informatieve gelul waar je uiteindelijk precies de antwoorden gaat krijgen op waar je naar op zoek bent. Althans, dat hoop ik dan maar. Anders zit ik hier dagen achter elkaar voor niets een beetje het toetsenbord van mijn laptop te mishandelen. Tegelijkertijd loop ik – in mijn transformatie naar Digital Nomad – van tijd tot tijd tegen wat persoonlijke malaise aan en aangezien niets zo’n goed vermaak als leedvermaak is, presenteer ik bij deze mijn nieuwste blog over het noodzakelijke kwaad van prioriteren en ‘ontspullen’, in je transformatie naar Digital Nomad. Help, mijn vrouw is Marie Kondo!

Marie Kondo

Voordat je snapt waarom dit grappig is (of misschien vind je het wel helemaal niet grappig) helpt het natuurlijk als je weet wie Marie Kondo is. Misschien helpt het ook als je weet wie mijn vrouw (of vriendin, verloofde, betere kwart, of hoe de seizoensterm ook is) is, maar daar kom ik later even op terug.

Marie Kondo is een opruimgoeroe. Jawel, je leest het goed. Zij is een expert danwel adviseur op het gebied van opruimen. Je zou zeggen dat iedereen met een dubbele rol aan vuilniszakken of met een jerrycan met tien liter benzine en een aansteker een heel eind zou moeten komen, maar sommige mensen hebben daar wat hulp bij nodig die wat beter aansluit op de persoonlijke behoeften van die mensen. In haar boek legt ze alles uit over haar methode.

Omdat elke goeroe pas écht een goeroe wordt wanneer je een methode gebruikt die je zelf hebt verzonnen, hoort ook bij Marie Kondo een methode, de KonMari-methode. Ik heb geen idee hoeveel marketingbudget er naar die naam is uitgegaan, maar laten we niet muggenziften over details. Voor mensen die geen flauw idee hebben wie zij is, wat haar methode behelst of wat überhaupt het concept van deze dame is, laat mij het in een paar woorden proberen uit te leggen.

Stap 1: Bepaal of je ergens blij van wordt. “Does it spark you joy?!”
Stap 2: Bij een ja: glimlach intens gelukkig, vouw het op en bewaar het.
Stap 3: Bij een nee: bedank het voor een levenlange staat van dienst, steek het in de fik en gooi het weg.

Nu je beschikt over de elementaire kennis om deze blog straks succesvol af te ronden, gaan we door naar het volgende onderwerp. Mijn vrouw.

Mijn vrouw

Wanneer ik mijn vrouw, vriendin, verloofde, ‘kuiken’ of simpelweg Mariska moet omschrijven, vind ik mijzelf altijd op zo’n subtiele balans van onrust en ongeloof. Iedereen die haar kent waardeert haar (uitzonderingen daargelaten) om haar creativiteit, vindingrijkheid en toegewijdheid zodra het een onderwerp betreft waar ze enthousiast van wordt.

Mijn vrouw is vooral fan van een nieuw begin. Ironisch genoeg houdt ze het al wel 12 jaar met een zak van een vent als ikzelf uit, maar dat is weer leesvoer voor een andere blog. Mijn punt van het hele relaas is eigenlijk heel eenvoudig. Alles waar mijn vrouw enthousiast van wordt, verandert in goud. Ze is simpelweg geniaal om haar creatieve proces vorm te geven en alles wat ze écht wil, dat krijgt ze voor elkaar.

Veel leuker wordt het wanneer ze zich niét interesseert voor iets. Bijvoorbeeld opruimen. (Mooi hè, hoe ik o-zo-subtiel die link trek naar de rest van het verhaal?) Mijn vrouw heeft een absolute kleretyfushekel aan opruimen. Ze heeft overigens ook een absolute kleretyfushekel aan rotzooi. Dat is natuurlijk nogal een dilemma. Voordat we verder gaan is het misschien praktisch om even een sprongetje te maken naar waarom ons huis per definitie een klerezooi is, uiteraard uitzonderingen daargelaten.

Ons huis

Wanneer ik het heb over ons huis, permiteer ik mij een zekere vrijheid. Niet omdat het niet van ons is, integendeel. Ons huis is meer van ons dan menig huizen van inwoners van het land zal zijn. Er rust geen hypotheek op, het is volledig ons eigendom én het is nog maar een jaar of 40 oud. Die combinatie krijgen vast velen van jullie stervelingen niet voor elkaar hè? HA!

De catch is: wij wonen niet in een gewoon huis. Wij wonen in een chalet. Midden in het bos. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Wij hebben onze veel te grote koopwoning in Noord-Holland ingeruild voor een fantastische postzegel, midden in de wijdse natuur van de Hoge Veluwe, nét buiten de rand van Arnhem. We wonen hier fantastisch en alhoewel de voorzieningen variëren (per seizoen) van zeer acceptabel tot nauwelijks bestaand, zijn we nooit gelukkiger geweest dan dit.

Wij wonen op een slordige 40 vierkante meter. Van die 40 vierkante meter wordt ongeveer 2 vierkante meter ingenomen door de huisdieren, 2 vierkante meter door mijzelf, een honderdste van een vierkante meter door mijn vrouw (waarvan ik altijd zeg dat ze 1m10 groot is, al zit de waarheid daar niet ver vandaan) en dan nog een paar slordige vierkante meters voor een bank, hondenbench, keukenblok, kastruimte, etcetera. Het behoeft geen wiskundige universitaire graad om te snappen dat onze opbergruimte vrij beperkt is.

‘Ontspullen’ voordat de reis begint

We gaan op reis, zoveel is inmiddels duidelijk. We hebben besloten om Digital Nomad te worden. Ik heb een nieuw type werk gekozen wat ik in de toekomst veel makkelijker kan doen dan mijn oude werk. Ik heb wat klanten gevonden, ik heb een website opgezet en de plannenmakerij is definitief begonnen!

Ervan uitgaande dat we als Digital Nomad zullen rondreizen en leven in een camper, zullen we van nog veel meer spullen afscheid moeten nemen. Zo slepen wij al 10 jaar een pak printerpapier mee, wat we ooit voor €0,92 bij de Action op de kop hebben getikt. Niet omdat we krenterig zijn, maar omdat mijn vrouw er oprecht in gelooft dat we dat pak printerpapier écht nog een keer nodig gaan hebben.

Persoonlijk ben ik meer het type dat alles wat minder dan een tientje kost, zonder met mijn ogen te knipperen wegdonder of naar de kringloop breng. Ik koop het wel weer als ik het een keertje nodig blijk te hebben. Zij is meer het hippie-zero-waste-type. Ergens vind ik dat wel mooi en ergens is dat redelijk contra-intuïtief als je besluit dat je op reis gaat en ergens in dat proces zooi weg zult moeten donderen of geven.

“Ervan uitgaande dat we als Digital Nomad zullen rondreizen en leven in een camper, zullen we van nog veel meer spullen afscheid moeten nemen.”

Help, mijn vrouw is Marie Kondo!

Het is zaterdagavond. Ik ben net klaar met mijn waterpolowedstrijd en ik zie dat ik een paar Whatsapp-berichten van mijn vrouw heb. Dat is an sich geen reden tot zorg, als een stel wat al twaalf jaar samen is, communiceer je wel vaker met elkaar. Dat hoort erbij. Nee, het gaat voornamelijk om de inhoud van de berichten.

M: Schat, ik heb wat stoms gedaan.
M: Ik ben begonnen met mijn kleren op te ruimen en ik heb alles op een grote stapel gegooid. Dat moet namelijk van die ene methode waar ik je over verteld heb.
M: Maar het is hier nu wel een beetje vol!
M: Sorry! <3

In gedachten zie ik meteen een woonkamer voor me waarbij ik al tijgerend me een weg zal moeten banen door een miljard kleren en dozen, vuilniszakken en aan de kant geschoven meubelen. Was het maar zo. Thuis aangekomen staat de woonkamer AFGELADEN vol met allemaal spullen en ligt er een stapel kleren tot aan het plafond op de bank. Ernaast ligt een zielig hoopje dat in verhouding bijna meelijwekkend is. Zoals jullie begrijpen, dat hoopje was de optelsom van al mijn kleren.

Maar liefst 9 vuilniszakken met kleren later (nogmaals, we wonen op 40m²), is de kledingkast opgeruimd. Het vervolgproces is dat alles keurig netjes opgevouwen wordt en zijn eigen ‘thuis’ krijgt in ons huis.

In afwachting van dat proces staat de voorraadkast op haar planning. De term voorraadkast is een wat mager begrip voor wat je daar zoal vindt. Naast de gebruikelijke voorraadkast-rotzooi (blikken soep, pakken rijst, je kent het wel), vind je daar ook zaken als laptoptassen, lege shoppers, stoppen voor in de stoppenkast, lege glazen vazen voor bloemen, genoeg ingrediënten om Breaking Bad-episodes te doen verbleken en een wirwar aan bederfelijk en minder bederfelijk voedsel.

Mijn FHEMI-methode

Aangezien ik bij ons thuis de boodschappen doe en de flexibiliteit van een deurbel heb, werk ik graag volgens mijn eigen ontworpen FHEMI-methode. De FHEMI-methode is een methode die inmiddels door (naar verluid) miljoenen mannen op deze aardkloot wordt omarmd en waarmee ik baanbrekend ben op het gebied van logistiek. De FHEMI-methode staat voor ‘Flikker Het Er Maar In’ en is toepasbaar op elk huis in elk land in elke situatie waarin goederen van A naar B verplaatst moeten worden. Zo doe ik dat dus ook bij onze voorraadkast.

Wanneer ik terugkom van de Albert Heijn (jaja, rich bastard!) met mijn twee shoppers vol aan ‘first world problems’, hanteer ik drie categorieën:

  1. Vriezer
  2. Koelkast
  3. FHEMI

Wanneer de derde categorie van toepassing is, pak ik het item naar keuze, neem een aanloopje en kieper ik het zover mogelijk achterin de kast, zodat het volgende item exact dezelfde behandeling kan ondergaan. Wanneer de shopper leeg is, komt mijn methode automatisch tot een einde. Af en toe is het even nodig om mijn lijf van 130 kilo en 1m95+ in te zetten om pakketjes wat kleiner te maken zodat de laatste items er ook nog in geprakt kunnen worden, maar ook dat lukt eigenlijk altijd met mijn FHEMI-methode.

Om een lang verhaal een beetje kort te houden, mijn kuiken is dus niet zo gecharmeerd van mijn FHEMI-methode en noemt de voorraadkast een *****-troep. Ook mijn zorgvuldig bijgehouden voorraadkast wordt geconfronteerd met de KonMari-methode en zo zie ik mijzelf op een regenachtige dag in de IKEA staan om voor een godsvermogen aan tupperware-bakjes en dekseltjes en glazen potten af te rekenen die identiek zijn aan elkaar, zodat het allemaal een beetje netjes oogt.

Gelukkig heb ik hiervoor een relatief rustige tijd uitgezocht (zaterdagmiddag), waardoor ik mijzelf met duizenden dwazen en lotgenoten (het één sluit het ander niet uit) door de IKEA prak. Gelukkig had ik de tegenwoordigheid van geest om van alles wat ik nodig had ook de artikelcodes te noteren, want klaarblijkelijk heeft IKEA van elk soort tupperware-bakje niet twee of drie varianten, maar een stuk of 12 en dat nog eens vermenigvuldigd maal rond, rechthoekig of vierkant. Stel je eens voor dat je een vierkant bakje koopt, maar je eigenlijk een ronde zou willen hebben. Dat is kut!

“Mijn FHEMI-methode WORDT door miljoenen mannen omarmd en ik BEN ER baanbrekend MEE op het gebied van logistiek.”

In een recordtempo heb ik – zonder daarbij fysiek geweld te schuwen – een winkelkar afgeladen vol aan glazen potten en bakken gehaald en loop ik naar de kassa’s. Ik zie dat er van de 22 kassa’s maar liefst 4 geopend zijn (want ja, waarom zou je meer kassa’s open gooien wanneer er een slordige 350 man in de rij staat) en kijk ik met weemoed naar de zelfscankassa’s waar je zelf met maximaal 7 artikelen doorheen kan. Aangezien ik 98 artikelen heb, ben ik bang dat ik daarmee net de limiet overschrijd en wacht ik braaf en geduldig tot mevrouw de kassabliep tijd voor me heeft. Ik pink bij het afrekenen een traantje weg en ben blij dat ik onlangs mijn Volkswagen Polo heb ingeruild voor een riante station, zodat alle spullen om te kunnen ontspullen (lekker tegenstrijdig hè?) mee kunnen naar huis, waar mijn eigen Marie Kondo vol anticipatie zit te wachten.

Lees ook: Digital Nomad & Belastingen (basis)

Mijn hele FHEMI-methode wordt teniet gedaan door die van Marie Kondo en elk pakje rijst krijgt zijn eigen glazen potje en elk pak toastjes verdwijnt in een zorgvuldig samengesteld tupperware-bakje. Ik geef me gewonnen en ik doe mee.

 “Leuk hè, schat! Als we op reis gaan kunnen we allemaal spulletjes kopen zodat alles weinig ruimte inneemt!”. Glimlachend kijk ik haar aan, terwijl ik de schaafwonden op mijn pinpas verzorg. “Tuurlijk lieverd, doen we.”, zeg ik.

DISCLAIMER: Dit artikel bevat mogelijk gesponsorde links. Wanneer je via deze links een product bestelt, is het mogelijk dat ik daar een kleine commissie over ontvang. Geen zorgen, het kost jou geen cent extra en je helpt mij in het onderhoud van deze website! Alvast bedankt!

1 COMMENT

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here